EditRegion4

Foto's vogels van De Beer

Eerste | Vorige afbeelding | Volgende afbeelding | Laatste | Miniaturen

Dwergsterns met jong

Dwergsterns met jong. Een dia uit de diaserie van Simon de Waard. De oorspronkelijke tekst luidt: ' Behalve door hun geringe afmetingen zijn de dwergsterns goed van de andere sterns te onderscheiden door hun witte voorhoofd en de gele kleur van de snavel en de pootjes. Zolang de jongen nog erg klein zijn, blijft altijd één van de ouden bij het kroost. De ander gaat op de visvangst en als hij met een visje weer thuiskomt geeft hij dit aan een van de jongen, soms ook wel eens aan de op het nest gebleven partner.'

Waarschijnlijk kwam de dwergstern al rond 1900 op De Beer voor. Van Roon en Wachter vermeldden de dwergstern in hun verslag van een excursie van de Rotterdamse Natuurhistorische Club in 1904. Blijkbaar ging het om een groot aantal: '… en op sommige plaatsen werden zoveel nesten bij elkaar gevonden, dat men enige voorzichtigheid moest betrcahten om de eieren niet te vertrappen. Thijsse vermeldde de vogel in zijn verslag van een excursie naar De Beer in 1905. Ook in het verslag van een excursie van de Nederlandsche Ornithologische Vereeniging in 1915 werd de vogel genoemd. Ook in het verslag van de excursie op 15 juni 1921 van leden van de Nederlandsche Vereeniging tot Bescherming van Vogels kwam de dwergestern voor: 'Op het schelpenstrand hadden de dwergsterntjes hun nesten gebouwd'. In het boek 'Het Vogeleiland' werd de dwergstern ook opgevoerd: 'We moeten daartoe naar het kale schelpenstrand, want daar, op de meest barre plaatsen van de toch al zoo barre Beer, brengen de dwergsterns den zomer door met de opvoeidng van huin kinderen'. Drie kleine vestigingen zouden er zijn geweest. Nergens werden echter aantallen genoemd. Meininger schatte het aantal in de eerste helft van de 20ste eeuw op ongeveer enkele honderden.

 

10072009