EditRegion4

Artikelen uit Ardea (2)

Download als pdf

Verslag van de Excursie naar "De Beer", bij Hoek van Holland, op 23 October 1949

A.M. van den Oord. Ardea 18, 194-196, 1950

Aanwezig van het Bestuur alleen de heer Bierman! Verder de leden Mej. Van der Baan, Van der Burg, Mevr. Fischer van der Burg, H. de Groot, Gunning, M. de Haan, Hellebrekers, Hinloopen, Mej. Koeten, Makkink, Mandemaker, Middelman, Mevr. Plate-Lichtenbelt, Van den Oord, Rampen, Schaberg, Stoffel, Swaab, De Waard, Van der Werf, Westra, Wijnaendts, alsmede de introducé's Mevr. Makkink, Plate, Van Waart, Wingerden en nog 4 andere personen.

Het weerheeft op deze herfstexcursie niet meegewerkt. Reeds bij onze aankomst op het “Vogeleiland” riepen de eerste regendruppelsregenjassen en hoofddeksels tevoorschijn. Het gezelschap ging eerst op weg naar de Zuidpier. In de bosjes op de duinen werden Heggemus, Roodborst, Groenling, Kneu en Grauwe Klauwier waargenomen. Langs het strand zagen wij behalve vele meeuwen ook een troepje Bontbekplevieren en een drietal Zilverplevieren, waarbij zich een Kanoetstrandloper had aangesloten. Over de Waterweg kwamen ondanks het slechte weer telkens troepjes trekkende vogels aanvliegen. Er waren Vinken, Kepen, een paar grotere troepen Roeken en Kauwen. Bonte Kraaien trokken niet, wel werden er later op de dag enkele waargenomen. We zagen hier nog Spreeuwen, Leeuweriken en Piepers langs komen, alle in vrij kleine troepjes. Een Grote Gele Kwikstaart in de vlucht werd door enkele deelnemers goed waargenomen.

Op het strandje liepen veel Scholeksters, enkele Steenlopers en een tweetal Drieteenstrandlopers, die zich uitstekend lieten bekijken. Inmiddels waren wij het ommuurde complex bunkers genaderd. Langs de plasjes hiervoor waren behalve veel meeuwen en Scholeksters, 25 Rosse Grutto's aan het fourageren. Op de stenen dammenzaten verscheidene Steenlopers en een viertal jonge Aalscholvers, waarvan een exemplaar met spierwitte borst en buik reeds van verre in het oog vieI. Het was intussen flink gaan regenen en daar het laag water was, werd besloten eerst de Zuidpier af te wandelen en daarna over het "Groene Strand" naar de Brielse Maas te gaan. Het laatste deel van het plan viel letterlijk in het water. Aan het begin van de pier konden we de Steenlopers op vrij korte afstand zeer goed observeren; hier werden nog 4 langsvliegende Putters gehoord en gezien en een Grote Stem zwoegde tegen regen en wind in naar het Zuiden. Links van de pier zaten honderden meeuwen. waarvan het grote aantal Zilvers opvieI. Maar er waren ook Mantelmeeuwen en een of twee Kleine Mantelmeeuwen.

Nu zette de regen pas goed door. Overvliegende Smienten en Pijlstaarten werden nog herkend en onder hevige stortbuien ging het verder naar het eind van de pier. Daar werd een tiental Paarse Strandlopers en een Zwarte Zee-eend gezien. De regen maakte verder waarnemen vrijwel onmogelijk. Onder zware buien gingen we terug en vonden aan het begin van de pier een gastvrije keet met een kachel. Rappe handen legden een houtvuur aan. Zo werd het daar met de aangename warmte en het gekletter op het dak nog een gezellige plaats om de meegebrachte lunch te nuttigen en .... om doornatte kledingstukken te drogen. De lucht in het Zuiden bleef potdicht, zodat omstreeks 1 uur een aantal deelnemers besloot de terugtocht te aanvaarden. Een half uur later begon het plotseling harder te waaien, de hemel in het Zuiden klaarde wat op en we begaven ons vol goede moed opnieuw op weg, nu om de kreken heen naar het strand.

Het bleef werkelijk bijna een uur lang droog. Dit uurtje maakte nog veel goed. Op het begroeide strand stootten we telkens troepjes Leeuweriken op, boven de kreken gingen vluchten Smienten en Wilde Eenden op de wieken. In de verte langs de zeekant zagen we wolken vogels vliegen. Ze deden ons denken aan de bekende spreeuwenwolken. Dichterbij gekomen streken de vogels op het strand. Bet bleek, dat het honderden Kanoetstrandlopers waren, die zich zeer goed lieten benaderen. Enkele Bonte Strandlopers werden tussen deze mannetje aan mannetje voedsel zoekende Kanoeten herkend. Op het strand zaten nog enkele Kleine Mantelmeeuwen, die ons zeer donker voorkwamen. Vlak langs de zee zaten honderden eenden, voornamelijk Smienten, Wilde Eenden en Wintertalingen. Kleine troepjes Pijlstaarten werden hiertussen waargenomen.

Langzaam wandelden we in de richting van de Nieuwe Waterweg. De zon brak zo waar nog door! Langs de brede kreek zaten Steenlopers, enkele Zilverplevieren en een Tureluur. Een vijftal Bergeenden vloog over. Plotseling kregen we een volwassen Jager in het oog, die langzaam tegen de wind in vliegend, laag over het strand langs kwam. Smienten, Wilde Eenden, Talingen, meeuwen en steltlopers, alles ging op de wieken. De middelste staartpennen van deze Jager waren beschadigd, zodat ze slechts 4 cm achter de rest van de staart uitstaken. Onder de deelnemers, die het dichtst bij stonden waren er die deze vogel, die tot de lichte vorm behoorde, met zekerheid als Middelste Jager (Stercorarius pomarinus) herkenden.

Het begon nu weer zachtjes te regenen. Door de lage duintjes en langs de “Kievitenplas” begaven we ons naar de aanlegsteiger. Bij de dennenbosjes vlogen grote troepen Boutduiven op en tot slot werd door enkele deelnemers een Bruine Kiekendief gezien. Bij de aanlegplaats bleek, dat enkele deelnemers, die zich direct naar de Brielse Maas begeven hadden, daar een vijftal Lepelaars en onderweg een troepje Sneeuwgorzen en Strandleeuweriken hadden waargenomen. Bovendien werd tweemaal een Smelleken en aan de Nieuwe Waterweg nog een Slechtvalk, die achter een Steenloper joeg, gezien. Ondanks de vele regen was de excursie zeer genoeglijk, de stemming onder de deelnemers bleef uitstekend en het slechte weer in aanmerking genomen viel het aantal waargenomen vogels erg mee.

A. M. van den Oord.

Excursie op De Beer

Van deze legendarische excursie is een foto van de hand van Simon de Waard bewaard gebleven.
Deze is overigens niet bij het artikel gepubliceerd.


23122012