Natuurmonument De Beer

35. Groene Strand (1)Pijl links [ 36 ] Pijl rechts 37. Groene strand (3)

Kaartje Groene strand (2) Het Groene Strand (35-39) vormde een langgerekte open strook van zo'n drie kilometer lang en 400 meter breed tussen het echte strand (zie ook — 41-43) en de buitendijkse duinenstroken (zie ook — 25-30) van De Beer.

Het was heel vlak, maar bevatte een zeer afwisselende bodemsamenstelling van vrij kaal zand en slik tot dicht gras met oprukkende duindoorns. Het was een soort reusachtige puzzel van verschillende stroken en vlekken bodem en begroeiing.

Het noordelijke deel (zie ook — 35) was relatief dicht begroeid met een grasachtige vegetatie, waarin vanuit het oosten (zie ook — 25-27) de duindoorns naar het westen uitgroeiden, tot tegen een duintjesrand (zie ook — 37) aan. Die jonge stuifduintjes deden hun naam eer aan en vochten terug tegen de duindoorns door ze te overstuiven, wat een heel bijzonder terrein opleverde.

Het Groene Strand met de duintjes waar de broedplaatsen van de grote stern waren

Het Groene Strand met de duintjes waar de broedplaatsen van de grote stern waren, november 1963. Foto Jan Koolen.

Kolonie van grote sterns

Kolonie van de grote sterns op het Groene Strand.
Uit de diaserie van Karel Schot.

 

35. Groene Strand (1) Pijl links [ 36 ] Pijl rechts 37. Groene strand (3)

 

logo

Laatste wijziging

15 oktober 2018

Citaten

Simon de Waard: Zo gauw we de laatste doornstruiken gepasseerd zijn, gaan reeds de eerste visdiefjes, die over het gehele strand nestelen, de lucht in en dan volgen spoedig de kokmeeuwen en de grote sterns. Vooral de grote sterns, die in een compacte massa onder voortdurend gekrijs boven de broedplaats blijven rondvliegen, leveren een schouwspel, dat men niet licht vergeet; het is een overweldigend gezicht, die duizenden smetteloos witte vogels, prachtig afstekend tegen het blauw van de zomerhemel.

Terzijde

Kluut bij zijn nest

Kluut bij zijn nest. Foto Simon de Waard.